Je vergist je. Het is niet Kampen dat ik schilder. Kijk dus niet te lang naar de muren en de torens. Dat zijn slechts de stenen die achterbleven.
Het gaat om het licht van deze dag. Dat is zo lastig te vangen in een witte wereld. Net als het wieken van vleugels, zo hoog in de kou van loodwit en kobalt.
Hoe schilder je de warme geur van paarden? Of de oostenwind die de daken striemt? Voel je het plezier en de liefde waarmee mensen zwieren vanaf de brug langs de kade?
Hoor hoe het ijs de kinderstemmen draagt, en het vrolijke gekras van hun ijzers.
De ziel van de stad zit in de mensen. Zij geven de straten geluid, beweging en een hartslag.
Alles wat deze plek van toen liet leven, is verdwenen.
Maar voor nu even niet. Wat was, is er nog. In verf bevroren.
Bijschrift: © Bas Stema