Kampenaren zijn weer gelukkiger dan twee jaar geleden. Ze geven hun geluk gemiddeld een 7,8, tegen een 7,5 bij de vorige meting. Ook vinden ze zichzelf weer hartelijker: een 7,7, tegen een 7,4. Kampen als stad gaat er iets minder op vooruit en krijgt een 7,4 voor hartelijkheid (was 7,2). Dat blijkt uit een enquête die Kampen Partners afgelopen zomer hield onder 1.297 inwoners.
Het is de derde keer dat Kampen Partners deze drie vragen stelt. In 2021-2022 lagen de scores nog wat hoger, met een 7,9 voor geluk. In 2023-2024 daalden ze. De nieuwe cijfers laten herstel zien, maar het niveau van vóór de dip is nog niet helemaal terug.
De gemeente blijft achter bij haar inwoners
Bij alle drie de metingen geven Kampenaren zichzelf een hoger cijfer voor hartelijkheid dan aan de gemeente. Ruim de helft beoordeelt de eigen hartelijkheid met een 8 of hoger. Voor de hartelijkheid van Kampen geldt dat voor 44 procent. Een 10 voor de stad komt nauwelijks voor (4 procent).
“Dat is eigenlijk een mooi gegeven,” zegt Roeland Tameling, directeur van Kampen Partners. “De hartelijkheid is er wel, bij de mensen zelf. Alleen herkennen ze die nog niet in hun eigen stad. Die kloof willen we kleiner maken. Niet met slogans, maar door te laten zien wat Kampenaren voor elkaar en voor bezoekers doen. Zeker richting Kampen 800 in 2027 en 2028, als we veel gasten ontvangen, is dat geen bijzaak. En daar hebben we juist ook weer die hartelijke inwoners van Kampen voor nodig”.
Weinig ontevredenheid
Opvallend is hoe weinig negatieve antwoorden er zijn. Slechts 2 procent geeft het eigen geluk een onvoldoende en 4,5 procent geeft de hartelijkheid van Kampen een onvoldoende. Er zijn kleine verschillen tussen de wijken, maar die zijn volgens Kampen Partners te klein om harde conclusies aan te verbinden.